Ottolenghi’s geblakerde aubergine met tahin en granaatappelpitten

Mijn nieuwe Ottolenghi’s uitdaging was om aubergines te roosteren. Of te wel, zoals ik uit zijn auberginerecepten leerde: “blakeren”. Dit is wat je doet om de aubergine te “branden”. Uiteraard gaat het alleen maar om de schil. De inhoud wordt zacht en heerlijk, je kan hem uitlepelen en gebruiken voor een salade of een dip. Net als in dit recept. Auberginesalade (of dip…), met knoflook, citroen, verse kruiden en granaatappelpitjes. Werkelijk verrukkelijk!

Eerlijk gezegd vond ik tot nu toe alleen in olie gebakken aubergines lekker, en heb ik nooit eerder ook een aubergine op een gaspit of onder de grill klaar gemaakt. Dankzij Ottolenghi en zijn recepten heb ik het nu wel uitgeprobeerd en werd ik positief verrast: het is echt makkelijk om te doen. Onder de grill duurt het lang maar dan vergt het geen voorbereidingen.

De eerste manier om een aubergine te bekeren is op een gasfornuis. En zo doe je het: bekleed de kookplaat met aluminiumfolie zodat alleen de gaspitten  zichtbaar zijn. Leg de aubergines direct op de 2 afzonderlijke gaspitten op laag tot halfhoog vuur. Rooster ze 15-18 minuten tot de schil rondom geblakerd en geschilferd is, en het vruchtvlees gaar is. Keer de aubergines regelmatig om met een metalen tang. 

De tweede manier is de aubergine onder de grill te blakeren, volgens mij makkelijker maar het duurt wel langer. Zo doe je het: Kerf de aubergines een paar cm diep in op een paar plaatsen met een scherp mes of een houten stokje. Leg ze ca 50 min op een bakplaat/bakrooster onder een grill. Keer ze elke 15 minuten een slag om en gril ze zelfs als de schil open barst. 

Zodra de aubergines klaar zijn, is de rest een beetje roeren, kruiden en garneren, en ben je klaar om te genieten of iemand anders hiermee te verwennen. 

Nog een bescheiden recept van Ottolenghi dat een feest van smaken en kleuren is. Vergeet de granaatappelpitjes niet hoor, want ze zijn niet alleen maar mooi en erg gezond, ze maken het feest echt compleet. Heerlijk!!

Ingrediënten

  • 2 grote aubergines
  • 1 teentje knoflook, fijngesneden
  • rasp van 1 citroen 
  • 1 eetlepel verse citroensap
  • 50 gram tahin (optioneel)+2 el water
  • een handvol (liefst platte) peterselie of koriander, fijngesneden
  • zout en versgemalen zwarte peper naar smaak
  • 2-3 el granaatappelpitjes

Bereiding:

  1. Begin met het roosteren/blakeren van de aubergine. Kies hiervoor een van de twee methodes (zie boven)
  2. Snijd vervolgens de aubergine in de lengte doormidden en lepel het vruchtvlees eruit; zorg ervoor dat je niets van de zwarte schil meeneemt. Laat het vruchtvlees zo’n 30 minuten uitlekken in een vergiet, liefst van plastic.
  3. Haal de aubergines uit de oven en laat ze afkoelen. Snijd een opening in elke aubergine en schep het zachte vruchtvlees eruit.
  4. Laat het vruchtvlees minstens een uur in een vergiet uitlekken, zodat vrijwel al het vocht is verdwenen. Doe het vervolgens in een middelgrote kom of op een bord en snij het grof.
  5. Doe het vruchtvlees van de aubergine in een middelmatige kom en voeg de citroensap en -rasp, de knoflook, de tahin, het water, het zout en de peper. Roer alles door elkaar en zet de kom 1 uur bij kamertemperatuur om te marineren.
  6. Roer vlak voor het opdienen het grootste gedeelte van de kruiden erdoor. Proef of er nog zoute en peper bij moet. Zet de auberginedip/salade op een schaal, bestrooi met de granaatappelpitten en garneer met het restant van de kruiden en eventueel met olijfolie.
  7. Schep de salade/dip in een ondiepe schaal. Besprenkel eventueel met olijfolie en strooi de rest van de granaatappelpitjes erover met nog wat peterselie/koriander.

Lekker met Turks brood of verse spelt/volkoren broodjes.

Maar ook bij een vleesgerecht en zeker op de buffettafel!

Wil je zien hoe pers je granaatappels uit? Kijk hier hoe Marcel Dassen het doet!

 

Print Friendly
You may also like:

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *